DONDERDAG
Achter in de zaak geeft Willeke Vladimir Nederlandse les. Vol concentratie probeert die grote, stoere vent woorden uit te spreken als: boodschappen, grappig en feestje. Geduldig zegt ze. “De g maak je achter in je mond en de r voorin, met je tong.” Nadat ze het heeft voorgedaan, doet hij ook wat pogingen. “Ggggg, rrrrrrrr.” En dan barsten ze in lachen uit. Even later zit hij over zijn boek gebogen, en ik zie haar naar hem kijken. Is dat een vertederde blik? Zou ze verliefd op hem zijn? Zo’n jongen vol contrasten is natuurlijk erg aantrekkelijk. En door alles wat hij heeft meegemaakt veel interessanter dan die jongetjes in haar klas. Na de les komt Willeke naar me toe. “Alles goed, oma?” “Drink gezellig een kop thee met me,…