‘Genealogie, die wetenschap die zo vaak in dienst staat van ijdelheid, noopt allereerst tot nederigheid, in het besef hoe weinig wij voorstellen in die menigte van ontelbare voorouders, en doet ons vervolgens duizelen’, aldus – vrij vertaald – Marguerite Yourcenar (1903-1987), de Belgische schrijfster die als eerste vrouw ooit werd toegelaten tot de prestigieuze Académie française.
Al van kindsbeen af ben ik behept met de onstuitbare drang het voorgeslacht uit te pluizen, Dichtung und Wahrheit te ontwarren door familiale overleveringen te ontzenuwen (of bevestigd te zien), mysteries te ontsluieren en mensen uit de Nacht und Nebel der geschiedenis te trekken. Deze interesse werd behoorlijk aangewakkerd door portretten en memorabilia uit vervlogen tijden en verhalen over, bijvoorbeeld, een geguillotineerde voormoeder, napoleontische krijgslieden of ‘onze’ schepen die de wereldzeeën bevoeren. (Genealogie biedt…
