Vergeef me dat ik het zo zeg, maar geld stelen van iemand die ligt te vechten voor zijn leven, iemand wiens lichaam nog amper koud is, iets lagers kan ik mij nauwelijks voorstellen.”
Het duurt even voordat de woorden van de officier, via de Poolse tolk, de headset op Janusz’* (38) glanzende kale schedel bereiken. Dan knikt hij.
“Ik weet ook niet wat mij bezielde,” zegt hij. “Ik was in shock, denk ik.”
“Dat kan zo zijn, en u had ook flink gedronken, maar dan nog... Ik begrijp dit niet,” zegt de officier. “En u was net op vrije voeten.”
Janusz is een gespierde kerel met meer tattoos op zijn lijf dan er peuken liggen in de asbak bij de ingang van de gemiddelde Poolse supermarkt. Ook zijn strafblad is…
