Toen ik gisteren de supermarkt uit stapte, stond er een bejaarde vrouw te puffen. Naast haar op de grond stonden twee boodschappentassen. Die waren kennelijk erg zwaar, vandaar het gepuf. “Kan ik u helpen?”, vroeg ik, want ze bestaan nog hoor, welopgevoede, aardige mannen (oké, zo kan-ie wel weer, Hans). “Nou, graag meneer”, zei ze. Ik pakte de twee boodschappentassen. Mijn hemel zeg!
Ik gaf het op. Dan maar niet de stoere, stoïcijnse man Verkopen ze tegenwoordig stoeptegels bij de supermarkt? Ik was dan ook blij toen ze zei: “Het is niet ver, hoor!” Na een paar honderd meter zag ik een bank. Ik had veel zin om erop te gaan zitten, maar goed, je wilt als man natuurlijk niet toegeven dat twee boodschappentassen dragen een te grote uitdaging voor…
