Ik stap uit de tram. ‘Ben er bijna,’ app ik. ‘De wijn staat al open,’ stuurt Charlie terug. Ik glimlach.
De voordeur gaat open nog voor ik heb aangebeld. Daar staat ze. In een oversized blouse, haar haar opgestoken, een theedoek over haar schouder. Ze veegt haar handen droog en strekt haar armen uit voor een knuffel. “Hoi,” zegt ze. Haar stem is warm. “Kom binnen.”
De geur van knoflook en rozemarijn dringt mijn neus binnen. “Ik dacht: laat ik meteen indruk maken,” zegt ze, terwijl ze twee glazen witte wijn inschenkt. “Linguine met garnalen en chili.” Haar keuken is ruim en licht. Planten, boeken, kunst aan de muur. Op het aanrecht citroenen, een bos peterselie en een plank vol garnalen. “Je mag helpen als je wilt,” zegt Charlie.
“Ik…